'Wees koning van jezelf'
Aleid Truijens
De Volkskrant 27 december 2002
Ricardo Reis heeft nooit geleefd, maar bestaan heeft hij wel.
Net als
Alberto Cairo trouwens. ....
Pessoa had al deze dichters, van
wie Alberto Cairo, Ricardo Reis en de 'scheepsbouwkundige' Álvaro de
Campos de belangrijkste waren, voorzien van een biografie, en vaak een horoscoop.
'Een drama in mensen' wilde hij maken.
Zijn schrijvers waren personages
in één groot verhaal.
Maar ook al 'kennen' de Heteroniemen elkaar - Campos
schreef bij de dood van Cairo een intens verdrietige necrologie -, veel drama
ontwikkelde er zich niet tussen hen.
De tobberige klerk die zijn denken niet
kon stopzetten, had zichzelf uitgesmeerd over tientallen anderen.
Maar de
angst voor de dood, het gordijn waarachter zich de 'echte wereld', maar misschien
ook wel Niets zou openbaren, werd er niet minder op.
'O waarheid, vergeet
mij!', dichtte hij....
... ook mensen die zelden poëzie lazen, werden door deze gedichten getroffen.
De dichter van transparante, onthutsende regels als 'Ik ben niets,
kan niets, volg niets na', en 'Het leven is de buitenkant van de dood', bleek
mensen over de hele wereld in de ziel te raken.
De Oden behoren tot het minst bekende deel van het oeuvre.
Reis is
geen populair heteroniem.
'Een kouwe kikker' noemt Willemsen hem in zijn
nawoord.
Hij spreekt minder tot de verbeelding dan de sereen onkruid wiedende
Cairo, voor wie een koe een koe was, en die om die reden in 1914 moest sterven;
hij was een eindstation.
Ook Campos, een gevoelsmens, hystericus bij vlagen,
is goed te volgen.
De analytische Reis die in streng-klassieke vormen leefregels
uitvaardigt voor een kalm, gelaten bestaan, is bijna afschrikwekkend onaangedaan.
Maar hoe meesterlijk eenvoudig is deze 'kille' poëzie.
De oden staan
op de linkerpagina in het Portugees, en op rechterpagina's in het kristalheldere,
uitgebeende Nederlands van Willemsen. Vaak zijn ze in de gebiedende wijs
geschreven.
'Heb niets in je handen, noch/ Een herinnering in je ziel';
'Wees
niet meer dan de sokkel voor jezelf/ Waarop je 't standbeeld van je wezen
zet.';
'Ga zitten in de zon. Doe afstand/ En wees koning van jezelf.'
Met
zulke als een mantra herhaalde bezweringen helpt Reis ons de tocht door het
leven te doorstaan.
Zonder liefde, zonder gemis, met een glimlach toegevend
aan kleine genietingen.
Om aan het eind te constateren: 'Wij zijn verhalen/
Die verhalen van verhalen, wij zijn niets.'
In ons leven tallozen;
Ik weet niet, als ik denk
Of voel, wie denkt of voelt.
Ik ben de plaats slechts waar
Gevoeld wordt of gedacht.
Ik heb meer dan één ziel,
Meer ikken dan ikzelf.
En niettemin besta ik,
Voor allen onverschillig.
Ik maak hen stil: ik spreek.
De kruisgewijze impulsen
Van wat ik voel of niet voel,
Twisten in wie ik ben.
Ik ken ze niet. Zij zwijgen
Tot wie ik mij ken: ik schrijf.
Ricardo Reis [Fernando Pessoa]: Oden.
Reis lijkt op de naïeve Cairo.
Toch verschilt hij wezenlijk van hem.
Reis is zich bewust van zijn wanhoop, maar wenst die eronder te houden.
Zijn
stoïcisme is beredeneerd. Daarom had Pessoa hem nodig, als een oudere, evenwichtige
broer.
Pessoa beschouwde zichzelf als een incident, een lukraak op aarde
geworpen doorgangshuis, gedoemd tot zinloos denken. Bij de rationele Reis
kon hij zijn vragen veilig onderbrengen.
Deze dichter ontkende het mysterie
niet, maar hij kon ermee leven.
Ogenschijnlijk....
....Je zou kunnen zeggen dat Pessoa's Heteroniemen een koor vormen dat
in verschillende stemmen radeloosheid bezweert - loepzuiver en verstaanbaar.